Over de streek

Alta Val di Cecina: Ongerept Toscane

Pomarance ligt in de Alta Val di Cecina, een streek in het hart van Toscane met een rijk verleden en een indrukwekkende natuur. In tegenstelling tot de bekendere delen van de regio is dit gebied nog heerlijk onontdekt. Hier geen massatoerisme, maar glooiende groene heuvels, afgewisseld met grillige rotsformaties en uitgestrekte vergezichten. De rust en authenticiteit maken dit tot een ideale bestemming voor wie Toscane op een pure manier wil beleven.

De streek wordt ook wel de Metaalheuvels genoemd, een naam die verwijst naar haar vulkanische oorsprong en haar rijkdom aan metaalertsen. De bodem is geologisch jong en nog altijd actief. Dat merkt u aan de geisers, warmwaterbronnen en geothermische stoom die op verschillende plaatsen uit de aarde opstijgen. In Larderello werd in 1905 voor het eerst ter wereld elektriciteit opgewekt met geothermische energie, en tot vandaag leveren deze natuurlijke bronnen een belangrijke bijdrage aan de energievoorziening van de regio. Daarnaast zijn er zoutmijnen en blijft ook de landbouw een belangrijke pijler van de lokale economie. Dankzij deze natuurlijke rijkdom konden de inwoners in de streek blijven wonen en bleven de middeleeuwse dorpjes levendig en authentiek.

De geologische activiteit heeft door de eeuwen heen ook tal van legendes geïnspireerd. De thermen van San Michele stonden al in de Oudheid bekend om hun helende werking. Volgens een oude legende ontstonden de warmwaterbronnen toen een klok van het hoger gelegen klooster naar beneden viel. Vandaag resten nog de schilderachtige ruïnes van het vijftiende-eeuwse badhuis, waar verschillende baden met uiteenlopende temperaturen herinneren aan een lange traditie van kuur en ontspanning.

Al in de tijd van de Etrusken, onder meer uit het nabijgelegen Volterra, werden hier koper, zout en boorzuur ontgonnen. In de Middeleeuwen volgden onder andere albast, bruinkool, kwarts en magnesium. Vooral in de achttiende eeuw kende de mijnbouw een bloeiperiode. Er werd zelfs een spoorlijn aangelegd van de mijnen bij Monterufoli naar de vallei. Vandaag zijn in de bossen nog sporen van dit industriële verleden zichtbaar: oude schachten, overgroeide gebouwen, vervallen spoorbruggen en stille paden die een bijzonder decor vormen voor wandelaars.

Midden in deze Metaalheuvels ligt het natuurreservaat Monterufoli-Caselli, tussen Volterra en de Toscaanse kust. Dit uitgestrekte, ongerepte gebied bestaat uit maquis en eikenbossen en staat bekend om zijn uitzonderlijke biodiversiteit. De dichte mediterrane begroeiing van altijdgroene struiken en lage bomen vormt een natuurlijk landschap waarin meer dan zevenhonderd plantensoorten zijn geteld. Tussen de eiken groeien orchideeën, wilde tulpen en saffraanplantjes, terwijl kristalheldere beekjes het gebied doorkruisen.

Deze waterrijke omgeving trekt tal van dieren aan, zoals everzwijnen, herten, moeflons, dassen en wezels. De laatste jaren zijn ook wolven teruggekeerd in het gebied. In tegenstelling tot de verhalen uit sprookjes zijn wolven schuwe dieren die mensen vermijden.

De combinatie van ongerepte natuur, geologische bijzonderheden en een rijk cultureel verleden maakt de Alta Val di Cecina tot een uitzonderlijke bestemming voor wie wil wandelen over stille paden en Toscane wil ervaren ver weg van de drukte.